Square Toilet, door Eric Lumsden, via Flickr.

“Undoing Gender”: Een pleidooi voor het sekse-neutraal toilet

Mensen waarvoor de eigen sekse niet zo klinkklaar is, lopen tegen veel onbegrip aan. Zodoende breekt filosofe Martine Berenpas, met behulp van de filosofie van Judith Butler, een lans voor een toilet voor iedereen.

Kort geleden is er door de regering van Obama een brief aan alle scholen in de Verenigde Staten uitgegaan waarin wordt aangedrongen op het geven van keuzevrijheid aan transgender leerlingen. Deze keuzevrijheid bestond erin dat transgenders zelf mogen beslissen of ze het meisjes-toilet of het jongens-toilet willen gebruiken. De afgelopen week werd duidelijk dat er een aantal hiermee oneens zijn; onder andere Texas, Oklahoma en Georgia dienen een aanklacht in bij de rechter om Obama’s besluit aan te vechten. De staten vinden dat deze keuzevrijheid ingaat tegen hun religieuze denkbeelden.

De kwestie houdt de Verenigde Staten al een aantal jaar bezig; wat te doen met personen waarvan de psychologische sekse niet overeenkomt met de fysieke sekse. Het ene kamp vindt dat, in het geval van keuze voor bijvoorbeeld toilet of kleedkamer, transgenders zelf moeten aangeven waar zij zich prettig bij voelen; het andere kamp vindt dat het geslacht dat op hun geboortebewijs staat aangegeven leidend moet zijn voor deze keuze.

Waar in de discussie dikwijls aan voorbij wordt gegaan is hoe de transgender deze situatie zelf ervaart. Dat je überhaupt erover na moet denken welke wc voor jou bestemd is, lijkt mij bijvoorbeeld voor een tiener al behoorlijk lastig. Daarnaast voelt een persoon die afwijkt van de norm van sekse-stereotypes, zich vaak zowel in het mannen-toilet als het vrouwen-toilet niet welkom. Niet alleen transgenders worden aangesproken op hun niet sekse-stereotype kenmerken; ook andere personen die om welke reden dan ook niet voldoen aan ons beeld van wat ‘typisch’ vrouwelijk of ‘typisch’ mannelijk is, kunnen zich niet welkom voelen in een sekse-gescheiden toilet.

Identiteit en performativiteit

Wat wij onbewust doen wanneer wij personen labelen als ‘vrouw’ of ‘man’ is ervan uit gaan dat geslachtsidentiteit stabiel en eenduidig is. Op deze veronderstelling valt echter veel op aan te merken; zo blijkt in veel gevallen de identiteit een contingente constructie die zich in verschillende vormen kan presenteren.

De filosoof Judith Butler geeft in haar werk een overtuigend argument voor deze sociaal constructivistische kant van onze seksebeleving en de manier waarop sekseverschillen in onze maatschappij worden bekrachtigd. Een van Butler’s belangrijkste inzichten, dat met name in haar belangrijkste werk Gender Trouble (1990) wordt uitgewerkt, is dat volgens haar iedere vorm van identiteit (en dus ook sekse) performatief is. Dat betekent kortweg betekent dat sekse niet is wat een persoon is, maar wat een persoon doet.

Sekse kan niet gelokaliseerd worden in een pre-sociale natuur die vooraf gaat aan politiek, maar wordt door de politiek en door machtsmechanismen genaturaliseerd:

“Gender is performative insofar as it is the effect of a regulatory regime of gender differences in which genders are divided and hierarchized under constraint. Social constraints, taboos, prohibitions, threats of punishment operate in the ritualized repetition of norms, and this repetition constitutes the temporalized scene of gender construction and destabilization. There is no subject who precedes or enacts this repetition of norms.” (Butler, 1993, p.21)

Sekse is geen ding of een substantie, maar is vooral een ‘handeling’ en daarmee paradigmatisch ‘performativiteit’. Door Butlers deconstructie van het seksebegrip, wordt sekse niet langer een essentie waarmee een persoon is geboren, maar zijn sekseverschillen het resultaat van sociale mechanismen welke worden gecreëerd in taal, gebaren en tekens.

Het gescheiden toilet

Wat zegt een gescheiden toilet over onze sociale werkelijkheid? Waarom is het not done om als vrouw of als man te gaan plassen of poepen op een toilet van de andere sekse? Is het niet zo dat, als we Butler volgen, ieder gescheiden toilet gezien moet worden als sekse-performativiteit?

Het gescheiden toilet is een sociaal machtsmechanisme waardoor het twee-seksen patroon wordt bekrachtigd waarbinnen mensen volgens de norm moeten passen. Dit wordt met name duidelijk als we kijken naar de redenen die gebruikt worden ter rechtvaardiging van een sekse-gescheiden toilet.

Één van de belangrijkste redenen die gegeven wordt om te pleiten voor een sekse gescheiden toilet is dat vrouwen en mannen verschillende geslachtskenmerken hebben. Mannen kunnen staand plassen, vrouwen niet. Dat maakt echter voor het gebruik van de wc niet uit; zowel mannen als vrouwen kunnen prima overweg met een gewone wc. De wc zelf lijkt indifferent te zijn voor sekseverschillen. Bij nader inzien blijkt het biologische argument meer een sociaal argument te zijn: doordat mannen staand plassen, is er meer risico dat ze op de bril plassen.

In onze sociale werkelijkheid wordt er een sterke relatie gezien tussen sekseverschillen en toilet-hygiëne. Maar is dat ook zo? Het lijkt me dat niet iedere man naast het toilet plast en dat er ook heel veel mannen zijn die na afloop hun rotzooi gewoon opruimen. Zijn er niet ook veel vrouwen die hangend plassen en daarmee onverhoopt op de rand plassen? Is het niet zo dat toilet-hygiëne niet zozeer te maken heeft met fysieke verschillen tussen man en vrouw maar veel meer met de verantwoordelijkheid nemen om het toilet schoon te houden?

Het toilet schoon achter laten is de verantwoordelijkheid voor ieder die een publiek toilet bezoekt en heeft weinig te maken met sekseverschillen. Daarnaast kunnen mannen er ook voor kiezen om zittend te plassen (dat schijnt ook beter te zijn) of om gebruik te maken van een urinoir. Het bestaan van urinoirs wordt dan weer een argument om voor een sekse gescheiden toilet te pleiten; hoewel ik me ook kan voorstellen dat urinoirs geplaatst kunnen worden in een apart afgesloten ruimte en de normale wc’s voor beide seksen toegankelijk blijven.

Een ander veel gegeven argument is dat gescheiden toiletten ervoor zorgen dat vrouwen zich veiliger voelen en zij minder kans lopen om seksueel geïntimideerd, aangerand of verkracht te worden door onbekenden. Dit is een begrijpelijke angst, maar de statistieken laten zien dat de meeste zedendelinquenten niet actief zijn in publieke toiletten. De overgrote meerderheid van de seksuele delicten worden gepleegd door een bekende van het slachtoffer.

Het risico om als persoon in een toilet misbruikt te worden door iemand van hetzelfde geslacht is evenwel aanwezig. Een van de weinige gevallen van verkrachting op een publiek toilet was in Australië waarin sprake was van een vrouwelijke dader en een vrouwelijk slachtoffer. In het geval van transgenders en seksuele delicten op een openbaar toilet is in de incidentie nog kleiner. In de laatste vijfendertig jaar dat transgenders zelf mogen kiezen welk toilet ze willen gebruiken is er slechts één geval bekend waarin een man zich voordeed als transgender en op het toilet een vrouw verkrachtte.

Het argument dat vrouwen veiliger zijn (of zich veiliger voelen) op een gescheiden toilet blijkt niet zoveel waarde te hebben. Hoewel je dan nog steeds kan stellen dat het risico nog kleiner wordt door gescheiden toiletten, kun je je ook afvragen of de gescheiden toiletten niet juist de norm uitgedragen dat vrouwen en mannen niet samen gaan op intieme plekken zoals een toilet.

Als we Butlers denklijn volgen, bevestigt het gescheiden toilet met name de heteroseksuele norm van onze maatschappij; het gaat ervan uit dat wanneer mannen en vrouwen hetzelfde toilet gebruiken, vrouwen onvoldoende beschermd worden tegen de seksuele lusten van de man. Butler noemt de sociale werkelijkheid die dit soort sekse-normen produceert en repeteert ‘heteronormativiteit’.

Heteronormativiteit is de overtuiging dat mensen gecategoriseerd kunnen worden in gescheiden en complementaire sekse-structuren, waarin er natuurlijke rollen zijn voor beide seksen en waarin heteroseksualiteit de enige seksuele oriëntatienorm is.

Discriminatie?

In een reactie op het tumult in Amerika, gaf minister Koenders de reactie dat hij hoopte dat de wetgeving werd heroverwogen en stelt: ”Nederland zal zich altijd uitspreken tegen dergelijke discriminatie die wordt verboden door internationale verdragen waar de VS zich bij heeft aangesloten”.

Transgenders zelf de keuzevrijheid geven om te kiezen naar welk toilet ze gaan lijkt een nobel streven, maar waar aan voorbij wordt gegaan is dat die keuze zelf al pijnlijk is. Iedere keer dat een transgender de keuze moet maken wordt hij ermee geconfronteerd dat hij buiten de heersende norm valt; iets dat een gescheiden toilet juist uitdraagt in plaats van tegengaat.

Daarnaast zijn er ook andere voorbeelden waarin een gescheiden toilet tot minder vrijheid leidt; bijvoorbeeld een persoon die qua uiterlijk niet voldoet aan wat ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ wordt geacht, of wanneer een vader of moeder met een kind van het andere geslacht mee moet naar de wc moet om het kind te begeleiden. Is het gescheiden toilet niet veel meer een uiting van sekse-performativiteit waarin de (niet op natuurlijke aspecten gebaseerde) sekseverschillen worden uitgedragen, en die daarmee bijdraagt tot de rigide dichotomie tussen de verschillende seksen?

Als sekse inderdaad, zoals Butler stelt, performatief, en een sociale constructie is, ontstaat de mogelijkheid om de grenzen van de sekseverschillen te overschrijden en komt er ruimte voor herarticulatie. Mijns inziens kan zo’n herarticulatie ontstaan door het opheffen van het gescheiden toilet. Een sekse-neutraal toilet is een kleine stap in het overkomen van het rigide beeld dat er bestaat over sekseverschillen, en geeft daarnaast meer vrijheid aan de personen die om wat voor reden dan ook geconfronteerd worden met deze norm.

 

Referenties

Martine Berenpas
Over Martine Berenpas 24 Artikelen
Martine Berenpas (1979) heeft gezondheidspsychologie en wijsbegeerte gestudeerd aan de Universiteit Leiden en is momenteel bezig met haar promotietraject. In haar onderzoek vergelijkt zij vanuit een feministisch perspectief het denken van Emmanuel Levinas met het Daoïsme. Martine is geïnteresseerd in comparatieve filosofie, fenomenologie en ethiek.

1 Comment

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*